TERUGBLIK:
Ik heb erg genoten van mijn kluizenaarsschap. Wat me opviel is hoe het heilige en alledaagse in de kerk voortdurend in elkaar overliepen. Ik at mijn speltbroodje met jam op een plek waar al eeuwenlang gebeden wordt. Het echode naar grootsheid onder de gewelven en tegelijk werd ik wakker van podiumbouwers die kletterend ijzeren karren over de tegels reden. Het zette me stil bij mijn eigen verwachtingen. God zoek ik vaak in het sublieme en onuitsprekelijke, maar wat als Hij net zo goed het doodgewone doordrenkt?
Klapstoel
Als je in een kerk slaapt,
lees je al na enkele uren
'offers' waar 'otters' staat.
Je doet je best een drijvend kalfje
voor je te zien.
Zouden aartsengelen ook weleens hoesten?
Zouden ze weten hoe broccoli smaakt
met een kaassausje?
Zouden ze een navel hebben waar zich
grijswit pluis in ophoopt?
Als je in een kerk je tanden poetst,
spuug je soms zomaar kaarslicht in de wasbak,
er zit nog wat schuim op,
een ingetogen 'Gloria' met mintsmaak.
Als je in een kerk de wekker zet,
sta je op met vijf broden en vrijmoedigheid.
De schoonmaker noem je 'Gabriël'.
Je hoort de extra rij klapstoelen evangelie
krassen op de vloer.
Een mandarijn pel je tot dankgebed.
En als je naar buiten stapt,
zie je elke otter als wierook voor God.
Christianne Scholtens (1995) is werkzaam als redacteur bij tijdschrift Eva. Daarnaast schrijft ze poëzie en plaatst deze soms op Instagram @dromendrinkenalsontbijt. In haar gedichten zijn haar vingertoppen paars van de bramen en herkent ze in elke lapjeskat een profeet. Eerder won ze de vakjuryprijs van de AMAI-award voor ‘Beste gedicht op Instagram’. Uit het juryrapport: “Het is voor dichters een grote uitdaging iemand de liefde te betuigen zonder in clichés te vervallen. Christianne Scholtens is dat gelukt. Ze heeft nieuwe vormen en nieuwe woorden gevonden, die bijzonder goed op elkaar inwerken.”
